Psalm 2
Klassiek Eigentijdse Psalmberijming
Vers 1
Waarom die onrust en die ergernis,
waardoor de heidenen zich laten leiden?
De vorsten grijpen aan wat gunstig is
om God en Zijn Gezalfde te bestrij - den,
maar tevergeefs, hun plannen zullen stranden.
Al zeggen zij: ‘Dat zware juk moet weg;
gooi af Hun touwen en verbreek Hun banden’,
de hoge God lacht om hun overleg.
Vers 2
Hij spot met hen, Zijn boosheid schrikt hen af.
Vol toorn zal Hij Zijn tegenstanders leren:
Toch ben Ik God, Ik, Die Mijn Koning gaf
om op de berg van Sion te rege - ren.
De Zoon zal Zelf van dit besluit vertellen:
‘God sprak tot Mij: ‘Vandaag bracht Ik U voort.
U bent Mijn Zoon, U mag Uw eisen stellen.
Ik geef U heel de wereld op Uw woord.
Vers 3
De heidenvolken zijn Uw eigendom;
U zult hen met een stalen staf vernielen
en stukslaan als een aardewerken kom
wie niet voor U en Uw gezag wil knie - len’.’
Heersers en rechters, laat u onderwijzen.
Toon inzicht, dien de Heere met ontzag.
Eer Hem met huiver; haast u Hem te prijzen,
verheug u in Zijn goddelijk gezag.
Vers 4
Kom, kus de Zoon en word Zijn onderdaan,
vóór onderweg Gods toorn u zal verslinden.
Eén vonk slechts maakt een eind aan uw bestaan.
Welzalig die bij Hem hun toevlucht vin - den.
Tekst: Zingen uit de Bron